Inleiding Projecten | Publicaties
Resultaten Mitigatie projecten tot nu toe
|
De broeikasgasbalans van Nederlandse natuurlijke- en landbouwecosystemen - ME01 |
![]() |
| Geïntegreerde observatie en modellering van broeikasgas budgetten op nationaal niveau - ME02 Het doel van dit project is het ontwikkelen van een systeem voor het kwantificeren van het broeikasgasbudget op landelijke en regionale schaal. Verder zal een protocol ontwikkeld worden om een referentieschatting te maken ten behoeve van de verificatie van nationale emissies. De fluxmetingen in ME02 van de drie belangrijkste broeikasgassen laten zien dat er relaties zijn tussen de variabiliteit van fluxen en omgevingsfactoren. contact | publicaties | factsheet |
|
|
Invloed van landgebruik, -geschiedenis en management op de koolstofvoorraad in de bodem in Nederland - ME03 |
|
Geïntegreerd raamwerk voor beoordeling van de gevolgen van verhoogde implementatie van biomassaketens - ME04 |
![]() |
Het effect van ruimtelijke rangschikking van moerassen op waterkwaliteit en koolstofvastlegging in veenweide - ME05
Doel van dit project is het analyseren van het effect van veranderingen in de waterhuishouding als gevolg van klimaatverandering op waterkwaliteit en koolstofopslag in watersystemen in het Veenweide-gebied. Een voorbeeld van een resultaat is inzicht in relaties tussen grondwaterpeil, vegetatie, uitstoot en landschapspatronen m.b.t. uitstoot, waterkwaliteit en biodiversiteit. Ook is er meer bekend over de relatie nutriënten(rijkdom) – uitstoot.
contact | publicaties | factsheet
|
Hulpmiddelen voor het maken van ruimtelijke keuzes voor de toekomst van de Veenweidegebieden - ME06 |
|
Stand van zaken 2009
Binnen het thema mitigatie wordt onderzoek gedaan naar: methoden om de uitstoot van landgebonden broeikasgassen vast te stellen (ME01-03), maatregelen hoe deze te verminderen (gehele thema) en hoe deze maatregelen vervolgens in te bedden op regionaal/lokaal niveau (ME05, ME6). Tevens wordt er gekeken naar bio-energie ketens (project ME04). 2008 was het zogenaamde golden meetjaar voor het ME-cluster; alle monitoringactiviteiten waren operationeel: meten aan de grond, meting op torens, metingen met behulp van een vliegtuigje en remote sensing. 2009 stond in het teken van het analyseren en integreren van data en resultaten. Er is een goede samenwerking binnen het ME-cluster en er vinden regelmatig gezamenlijke bijeenkomsten plaats. Zo is er afgesproken dat in het voorjaar van 2010 een themanummer wordt gemaakt voor het tijdschrift Landschap wat artikelen publiceert op het terrein van de landschapsecologie en de milieukunde. Bijdragen hebben betrekking op nieuwe wetenschappelijk inzichten, op beleidsvorming en -uitvoering en ontwerp en beheer. Hierbij staat de integratie van de resultaten uit de verschillende werkpakketten van ME01, ME02, ME03 en ME05 voorop. Uit het werk over de CO2-flux modellering in ME01 is geconcludeerd dat er forse reductie van emissies gerealiseerd kan worden wanneer in de doelstellingen van natuurbescherming de bodemkoolstofopslag wordt meegenomen. De fluxmetingen in ME02 van de drie belangrijkste broeikasgassen laten zien dat er relaties zijn tussen de variabiliteit van de fluxen en de omgevingsfactoren (zoals bodem, management, grondwater en het weer). Dit maakt het mogelijk om in de toekomst specifiekere rapportages vanuit Nederland aan te leveren.Daarnaast is het natuurlijk mogelijk met deze wetenschap mitigatieopties verder te ontwikkelen.
Het blijkt dat er niet veel mogelijkheden zijn in Nederland om de broeikasgasemissies van melkveehouderijen nog verder te reduceren omdat de productiviteit al heel hoog is. In andere landen met een mindere hoge productiviteit zijn nog wel veel mogelijkheden. Uit een deelonderzoek van ME03 waarin de invloed van beheer op de koolstofvoorraad in de bodem van Nederland is bekeken, komt naar voren dat er grote verschillen zijn in de koolstofvoorraad tussen plots waar wel en waar geen beheer is toegepast. Ook waren er grote verschillen tussen verschillende boomsoorten en tussen plots met verschillende leeftijden. ME04 heeft het design van het ontwikkelde raamwerk (dat in staat is om de ruimtelijke effecten van bio-energieketens in het landschap te benoemen en te kwantificeren op verschillende schaalniveaus) besproken met de eindgebruikers. Uit het onderzoek van ME05 blijkt dat landschapspatronen geen significante invloed hebben op de waterkwaliteit en koolstofvastlegging; de processen in de bodem zijn veel belangrijker. De analyses laten verder zien dat nutriëntrijke sloten in bemeste weilanden op een veenbodem een significant grotere bron van methaan zijn dan rietsloten en open water.
Het Waarheen met het Veen project van het BSIK-programma Leven met Water is inmiddels afgerond en vooral ME01 en ME06 hebben succesvol bijgedragen aan het eindrapport waarin het thema klimaat nu goed in vertegenwoordigd is. Binnen de ME-projecten zijn er 13 AiO's actief, waarvan er twee (Dimmie Hendriks en Nynke Schulp) in 2009 hun proefschrift hebben verdedigd.
Achtergrond
-
Hoe kan onze ruimtelijke infrastructuur emissiearm, "klimaat neutraal" worden (her)ingericht?
-
Welke landgebruikmaatregelen bestaan er met betrekking tot de bronnen en "putten" van broeikasgassen? En hoe effectief zijn deze?
-
Met welke slimme en uitgekiende bedrijfsvoering in de landbouw (o.a. gewaskeuze, waterhuishouding op perceelsniveau, bemesting) en in de bosbouw (rotatie periode, boomkeuze, herbebossingprojecten) kunnen broeikasgassen worden vastgelegd in vegetatie en bodem? En is deze te combineren met andere functies in het landelijk gebied, zoals recreatie, biodiversiteit en waterberging?
-
Hoe concurreren koolstofneutrale energiebronnen met andere landgebruikvormen om de schaarse Nederlandse ruimte?
Het thema mitigatie is gecentreerd rond twee met elkaar in verband staande subthema’s:
-
Emissie, opname en integrale monitoring van broeikasgassen
-
Ruimtelijke claims en inpassing van duurzame energiedragers
Mitigatie verantwoordelijkheid binnen Nederland wordt naar steeds meer beleidsniveaus gedelegeerd, van nationaal tot gemeentelijk, en in de publieke én private sector. Via allerlei belangenorganisaties, NGO’s, ministeries, provincies, gemeentes en bedrijven, zullen ook burgers meer en meer betrokken raken bij het klimaatvraagstuk. We kunnen momenteel waarschijnlijk net aan de verplichtingen onder Kyoto gaan voldoen. Echter, wanneer reductieverplichtingen (veel) groter worden in de periode na 2012 (post Kyoto), zijn in nationaal en internationaal verband grote belangen gemoeid, waaronder financiële belangen. Mitigatie raakt dus direct aan de concurrentiepositie van Nederland. De kennisontwikkeling binnen KvR speelt in op actuele vragen zoals over duurzame bedrijfsketens, energiebesparing, emissiehandel en koolstofneutraal ruimtegebruik binnen de bovengenoemde sectoren.
Alle Mitigatie Projecten op een rij
-
ME1- De broeikasgasbalans van Nederlandse natuurlijke en landbouw-ecosystemen
-
ME2- Geïntegreerde observatie en modellering van broeikasgas budgetten op nationaal niveau
-
ME3- Invloed van landgebruik, landgebruikgeschiedenis en management op de koolstofvoorraad in de bodem in Nederland
-
ME4 - Een geïntegreerd raamwerk voor de beoordeling van ruimtelijke en gerelateerde gevolgen van een verhoogde implementatie van biomassaketens
-
ME5 - Het effect van de ruimtelijke rangschikking van moerassen en slootoevers op waterkwaliteit en koolstofvastlegging in veenweidepolders
-
ME6 - Hulpmiddelen voor het maken van ruimtelijke keuzes voor de toekomst van de Veenweidegebieden
Bekijk het overzicht met projecten voor een gedetailleerde beschrijving en de bijbehorende publicaties.





